Verenigingsdienst Bardiensten en clubtaken

Checklist

Wat moet er gebeuren tijdens een zaaldienst, van de sleutel halen tot afsluiten?

Door Gepubliceerd op Bijgewerkt op 7 minuten lezen

Een Nederlandse sportclub of leslokaal. Beeld bij het artikel: Wat moet er gebeuren tijdens een zaaldienst, van de sleutel halen tot afsluiten?
Beeld gegenereerd met kunstmatige intelligentie

Een zaaldienst is geen ingewikkelde taak, maar wel een taak met veertig kleine handelingen die in de goede volgorde moeten gebeuren. Wie hem twee keer per seizoen draait, kent die volgorde niet uit zijn hoofd. Deze checklist loopt de hele dienst langs, van de sleutel ophalen tot het laatste licht uit.

Waarom een zaaldienst zonder lijst altijd op vragen uitloopt

De klachten over zaaldiensten gaan zelden over onwil. Ze gaan over een kraan die openbleef, een verbandkoffer die niemand kon vinden en een alarm dat om half twaalf afging omdat een deur nog op een kier stond.

Dat komt doordat de kennis over een accommodatie meestal mondeling wordt doorgegeven. De vaste beheerder weet welke schakelaar bij welke veldverlichting hoort, en zolang hij er is werkt dat prima. Zodra hij een keer weg is, begint iedereen opnieuw.

Een checklist lost dat op, mits hij aan twee eisen voldoet: hij hangt op de plek waar de handeling gebeurt, en hij is kort genoeg om echt af te lopen. Twee A4'tjes vol tekst worden niet gelezen, een lijst van tien punten per fase wel.

De week ervoor en de dag ervoor

Wat een vrijwilliger een week vooraf moet weten

Een goede dienst begint met een bericht dat vier vragen beantwoordt: wanneer, waar, met wie en wat. Ontbreekt een van die vier, dan komt er een appje bij een bestuurslid, en dat is het begin van de bellijst die je nu juist kwijt wilde.

  • De tijd, met begintijd van de dienst en niet de aanvangstijd van de eerste wedstrijd.
  • De plek, inclusief welke ingang open is en waar je parkeert bij een druk toernooi.
  • De partner, want een dienst in je eentje voelt anders dan een dienst met een bekende erbij.
  • De taak, dus tap, keuken, kassa of zaalwacht, met de eisen die daarbij horen.
  • De uitweg, oftewel hoe je de dienst kunt aanbieden als je onverwacht niet kunt.

De dag ervoor

Stuur een korte herinnering met dezelfde vier gegevens en een regel over de sleutel: wie haalt hem op, waar en hoe laat. Van alle onderdelen van een zaaldienst is dat het punt waarop de meeste diensten in de soep lopen.

Wie de indeling zo opzet dat die berichten vanzelf gaan, hoeft er tijdens het seizoen niet meer aan te denken. Hoe je dat in de opbouw van het rooster regelt, staat in de gids over een bardienstrooster dat het hele seizoen overeind blijft.

De sleutel: het onderdeel waar het meestal misgaat

Een sleutel is geen detail maar een schakel in de keten. Zolang hij bij een persoon ligt in plaats van op een plek, hangt de dienst af van de vraag of die persoon thuis is en zijn telefoon hoort.

Regel daarom drie dingen. Er is een vaste bewaarplaats, bijvoorbeeld een sleutelkluis met een code die per periode wisselt. Er staat in de planning wie de sleutel op welk moment heeft. En er is een tweede route voor als het misgaat, met een naam en een nummer.

Sleutelbeheer voor een hele club

Houd bij welke sleutels er zijn, wie er een heeft en wanneer die is uitgegeven. Bij een bestuurswissel of het vertrek van een kantinebeheerder is dat overzicht het eerste wat je nodig hebt, en het laatste wat iemand op dat moment nog kan reconstrueren.

De Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, in werking sinds 1 juli 2021, vraagt van verenigingen onder meer een regeling voor belet en ontstentenis. Dat is bestuurlijke taal voor precies dit: de club moet doordraaien als iemand wegvalt, ook als die iemand de enige is met de sleutel van de meterkast.

Openen: de ronde van buiten naar binnen

Loop bij het openen altijd dezelfde route. Dat maakt vergeten bijna onmogelijk en zorgt dat een nieuwe vrijwilliger de dienst in een keer kan overnemen.

  1. Alarm uit en de tijd noteren waarop je binnenkwam.
  2. Verlichting aan in de gang, de zaal, de kleedkamers en de kantine.
  3. Nooduitgangen langs: vrij van kratten, deuren gangbaar, verlichting boven de deur brandend.
  4. Verwarming of ventilatie op de stand van de dag.
  5. Zaalopstelling controleren: netten, doelen, banken, scoreborden en de vloer op losse spullen.
  6. Kleedkamers open en droog, zeep en papier aangevuld.
  7. Verbandkoffer en de plek van de AED controleren, plus het nummer dat je bij een ongeval belt.
  8. Kantine: koeling op temperatuur, tap open, koffie aan, voorraad zichtbaar.
  9. Kassa openen met de begintelling en die noteren.
  10. Buitenterrein: hekken, veldverlichting, fietsenstalling en de looproute naar de ingang.

Buiten hoort erbij

Heeft de club een speeltoestel bij het terras, dan verplicht het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen de beheerder een logboek bij te houden met keuringen, onderhoud, reparaties en ongevallen. De veiligheidseisen zijn uitgewerkt in de normenreeks NEN-EN 1176 en de NVWA houdt toezicht.

De vrijwilliger van dienst hoeft geen keuring te doen, maar wel te melden wat hij ziet: een losse bout, een gescheurde mat, een tak die over het pad hangt. Voor bomen op het terrein geldt bovendien een zorgplicht die volgt uit artikel 6:162 en artikel 6:174 BW, met de Visual Tree Assessment als gangbare methodiek voor de periodieke controle.

Tijdens de dienst

Achter de bar

De leeftijdsgrens voor het verstrekken van alcohol is 18 jaar, sinds 1 juli 2021 vastgelegd in de Alcoholwet. Zet die regel op de lijst en niet alleen in het clubreglement, want de vrijwilliger die twijfelt bij een jeugdteam heeft op dat moment een zin nodig die hij kan gebruiken.

Voor eten geldt de allergeneninformatie uit EU-verordening 1169/2011, met veertien aangewezen allergenen. Ook bij onverpakte producten moet de informatie beschikbaar zijn, en mondeling verstrekken mag als de informatie schriftelijk is vastgelegd en duidelijk is waar de gast die kan krijgen. Wijs op de lijst waar die map ligt.

In de zaal of op het veld

De zaalwacht kijkt naar drie dingen: is de opstelling veilig, staat er niets in de looppaden, en weet iedereen wie er van dienst is. Een hesje of een bordje bij de bar scheelt de helft van de vragen.

Werkt jullie accommodatie met een hefinstallatie voor een scheidingswand of een tribune, controleer dan of de jaarlijkse keuring geregeld is. Het Arbobesluit schrijft voor dat hijs- en hefgereedschap ten minste eenmaal per jaar wordt gekeurd. Voor elektrische arbeidsmiddelen beschrijft NEN 3140 de periodieke inspectie.

Als er iets gebeurt

Spreek vooraf af wat een incident is en wie je belt. Noteer bij een ongeval de datum, de tijd, wat er gebeurde en wat je hebt gedaan, en laat medische details achterwege: gezondheidsgegevens zijn bijzondere persoonsgegevens in de zin van artikel 9 AVG en horen niet in een dienstverslag.

Afsluiten: dezelfde ronde, omgekeerd

  1. Kassa afsluiten, eindtelling noteren en het geld op de afgesproken plek leggen.
  2. Tap spoelen, koeling dicht, koffieapparaat uit, frituur uit en afgedekt.
  3. Restafval en glas naar buiten, vaat in de machine, doeken in de was.
  4. Kleedkamers en toiletten leeg, kranen dicht, ramen dicht.
  5. Zaal in de stand van morgen: doelen vast, netten omhoog, materiaal in het hok.
  6. Gevonden voorwerpen in de bak, met datum erbij.
  7. Meldingen noteren: kapot, op, of raar.
  8. Verlichting uit, buitenverlichting op de stand van het seizoen.
  9. Deuren en hekken op slot, alarm aan.
  10. Sleutel terug op de vaste plek en afmelden in de planning.

Wat je na afloop vastlegt

De laatste twee minuten van een dienst zijn de waardevolste van de hele avond. Daarin legt de vrijwilliger vast wat de volgende moet weten: de kassastand, de meldingen en de vraag of er nog iets openstaat.

Als dat lukt in het scherm waarin de dienst ook staat, blijft het bij een paar tikken. Bij de dienstenplanning van Verenigingsdienst hangt de checklist aan de dienstsoort en meldt de vrijwilliger zich af met zijn opmerkingen erbij, zodat de coordinator maandag ziet wat er speelt zonder iemand te bellen.

Hoe zo'n ritme er over een heel jaar uitziet, van de eerste competitiezaterdag tot de laatste toernooidag, staat beschreven in het geschetste seizoen bardiensten bij een club van augustus tot juni.

Maak de lijst per accommodatie, niet per club

Een club met een sporthal, een buitenveld en een clubhuis heeft drie verschillende lijsten nodig. Ze delen misschien tachtig procent van de punten, maar juist de resterende punten zijn de punten waar het misgaat: de ene deur die anders sluit, de ene kraan die je met de hand dichtdraait.

Begin daarom niet met een sjabloon van internet, maar loop een keer met de vaste beheerder mee en schrijf op wat hij doet. Vraag bij elk punt waarom het erop staat. Wat niemand kan uitleggen, mag eraf.

De regels die wel op elke lijst thuishoren, van de leeftijdsgrens tot de allergeneninformatie, staan bij elkaar in het overzicht van de wetten rond de clubkantine en de ledenlijst.

Conclusie: een dienst die zichzelf uitlegt

Een zaaldienst wordt licht zodra de vrijwilliger niets hoeft te raden. Vier gegevens vooraf, een sleutel met een vaste plek, een openingsronde, een afsluitronde en twee minuten afmelden achteraf: meer is het niet, en minder werkt niet.

Verenigingsdienst zet die lijst waar hij hoort, namelijk bij de dienst zelf. Elke dienstsoort heeft zijn eigen instructie, elke vrijwilliger ziet alleen zijn eigen diensten, en het bestuur ziet op het clubbord welke meldingen er nog openstaan. Wie het bouwt en waarom hij verenigingen kent, staat op de pagina over de auteur.

Wil je jullie eigen openings- en afsluitronde een keer naast het scherm leggen, vraag dan een demo aan via het contactformulier. Antwoord komt binnen twee werkdagen, van de persoon die het product maakt.

Verder lezen